Wanneer gaan we digiminderen?

Digitalisering in ons leven is niet meer weg te denken. Volgens Telecompaper had 85% van de Nederlanders eind 2015 een smartphone. Om maar aan te geven dat je niet alleen overal mobiel bereikbaar bent, maar ook toegang tot internet hebt. Een van de meest voorkomende activiteiten op internet is social media, e-mailen en SMSen. Lekker makkelijk toch? Overal contact met je vrienden, dat je op afstand thuis je verwarming al kan aanzetten, of je bestelling doen bij je favoriete webshop.

Maar digitalisering heeft ook een keerzijde. Dat blijkt uit het nieuwe boek van psychiater Prof. Dr. Dr. Manfred Spitzer*. Digitalisering heeft funeste gevolgen voor onze gezondheid. De vermaarde hersenonderzoeker laat in Digiziek op basis van wetenschappelijk onderzoek zien hoe computergebruik ons ziek maakt. Het is niet het eerste boek waarin Spitzer duidelijk maakt dat beeldschermen en computergebruik slecht zijn voor kinderen en volwassen. Hij wijst ook op de risicos zoals slapeloosheid verhoogde kans op Diabetes type 2, depressie, verhoogde bloeddruk, concentratie problemen en stress. En dat draagt niet bij aan leer- en werkprestaties op school en werk. Manfred Spitzer laat in zijn nieuwe boek juist ook zien hoe we beter met digitale media om kunnen gaan. Digiminderennoem ik het maar. Bijvoorbeeld dat  je voor het slapengaan geen e-mails moet checken op je telefoon omdat het ten koste gaat van de melatonineproductie en je s ochtends vroeg, op het hoogtepunt van hun concentratie, geen e-mails moeten checken. Digiziek is absoluut het lezen de moeite waard.


*Manfred Spitzer (1958) studeerde geneeskunde, psychologie en filosofie. Hij was gasthoogleraar in Harvard en is directeur van de psychiatrische universiteitskliniek in Ulm (Duitsland).

Media:Tijd of nog tijd voor media

Na de presentatie over Media:Tijd in het Cobra Museum in Amstelveen op 24 maart, bleef er bij mij een vraag door het hoofd spelen. Waarom verandert er zo weinig in de tijd die wij besteden aan media?

Laat ik vooropstellen dat het consortium van NLO, NOM, SKO, BRO en SCP samen met GfK een grondig stuk werk verzet heeft. Chapeau! Echter, er lijkt in dit digitale tijdperk maar weinig te veranderen in onze mediaconsumptie ten opzichte van twee jaar geleden. Gemeten over de periode september – oktober 2015 kijken we nog even lang naar TV, luisteren we evenveel radio en lezen en communiceren we nog steeds evenveel als twee jaar ervoor. Niet een echt verrassende conclusie…

Okay, we consumeren met z’n allen iets minder media: 8 uur en 13 in 2015 minuten versus 8 uur en 21 minuten in 2013. Maar als je naar de jongeren (13-19 jarigen) kijkt, dan neemt de tijd voor media erg hard af: 7,20 minuten in 2015 en in 2013 was dat nog 1 uur en 21 minuten meer, namelijk 8 uur en 41 minuten. Ofwel 15% minder! Besteden zij nu echt zoveel minder tijd aan media? Of speelt de onderzoeksmethodiek hier een rol? Immers, er wordt gemeten in tijdvakken van minimaal 5 minuten. Als je kijkt naar hoe vaak jongeren (maar vast ook de ouderen) kortstondig met apps op devices omgaan, dan zou de mediatijdsbesteding heel anders kunnen zijn als je die tijd bij elkaar optelt. Helaas geeft dit onderzoek er niet het antwoord op, terwijl het onderwerp social zo ‘hot’ is. De gehanteerde onderzoeksmethodiek is over het algemeen niet zo slecht, maar het kan het fenomeen van gefragmenteerd mediagebruik niet ondervangen. Ik geef het je het als respondent ook maar te doen om aan het eind van de dag voor elke vijf minuten te noteren wat, waar en waarmee je bezig geweest bent. Dat lijk me teveel gevraagd van de respondent.  Om die bevinding te achterhalen – en die wens lijkt me legitiem – zal je juist ook ‘eenvoudige’ digitale meetmethoden moeten integreren. De apps die dat meten zijn er al, dus dat is een kleine stap voor de onderzoekers. Wellicht lukt dat de onderzoekers dit najaar al.

Waarom wordt er nog zo weinig aan verbetering van ROI gedaan?

Althans dat zou je denken. Toch?

Het begint natuurlijk met de vraag: ROI van wat? In dit geval de ROI van media en dan niet alleen binnen media, maar uiteindelijk naar de eindgebruiker; de afnemer, de koper, de consument, de beslisser in de DMU.

Mediaplanners beperken zich tot waar zij invloed op hebben: zijn de grp’s of views gerealiseerd binnen de vastgestelde campagneperiode tegen de gewenste prijs. Als het doel gerealiseerd is, dan is het goed. Zou je denken…

Want wil je niet weten wat het effect van media op de breinpositie is, of dat het de traffic naar de website ook leidt tot conversie, of dat de kortingsaanbieding in de tag-on van de TV-commercial meer showroombezoek heeft opgeleverd? Als je in media investeert, wil je weten wat het effect is op je doelstellingen/KPI’s. Je wilt je ROI verhogen. Oorzaak en gevolg verklaren.

De effecten van media worden zelden gerelateerd aan KPI’s en aan daadwerkelijk gedrag. Dat is te verklaren aan een aantal zaken: ata ligt op verschillende plekken, is niet direct oproepbaar, of er is niet de tijd om data en effecten te interpreteren.

Maar als dat nu wel kan? Als je wel inzicht krijgt in de klantreis en dat real time kan? Het antwoord is helder. Dat kan! Crossmediaal inzicht in effecten en hoe je kan optimaliseren in de mediamix, fasering, timing en mediadruk.

Mail: paul@colouringmedia.nl
Bel: 06 21 55 01 83

We liken wat af

Je kent dat wel, je kijkt op Facebook naar updates van je vrienden. En daar doe je iets mee, of niet. Ik kwam onderstaande interessante infographic tegen. Wist je dat ruim de helft van alle Facebook gebruikers dingen ‘liked’. Maar waarom doen we dat eigenlijk? Volgens Quicksprout zijn er verschillende redenen, zoals het creëren van empathie of voor je eigen zelfbevestiging.